April was voor het collectief

Samen spelen, samen leren, samen verschillen.

In april ging ik aan de slag als coach voor Volzin, een Leuvens improvisatiegezelschap. Ik gaf mee vorm aan een voorstelling. Van die voorstelling genoot ik enorm. Het zijn zalige spelers en ze onderzoeken interessante speelvormen. Ze spelen met hoofd, hart en lijf. En wat me het meest trof: ze vullen een scène. Ze benutten de kracht en de schoonheid van het collectief.

Dat is iets wat ik vaak mis, en daarom viel het me zo op. Met onze geografische spreiding, oudere leeftijd (we crossen het land niet meer rond van ‘s ochtends tot ‘s avonds), en contrasterende agenda’s, is het bijzonder uitdagend om ons met veel Inspinaziërs tegelijk op een podium te krijgen. Wanneer dat gebeurt, heeft dat altijd iets feestelijks nostalgisch.


In ons dagelijks theaterwerk is het al helemaal moeilijk om met een groot gezelschap op scène te staan omwille van de kost. Ik blijf al jaren koppig inzetten op bezettingen van dan toch 3 à 5 improvisanten, terwijl dat gemiddelde elders zichtbaar slinkt. Daardoor verliezen we opdrachten of worden spelers iets minder verloond. En toch blijven we dat belang om met een heus collectief op te treden benadrukken. Zowel in de inhoud van onze scènes als in hoe wij als team verschijnen, dragen we immers graag deze elementen aan:

-Bouwen aan relationeel weefsel
-Samen verschillen
-Cocreatie en synergie
-De kracht van het collectief

Ook in mijn ander werk focus ik graag op groepen, vroeger en nu. Als leerkracht in een Freinetschool, als teambemiddelaar, als improvisant.
Samen leren, samen verschillen, samen spelen.

Die voorkeur voor het collectief, botst vaak met de heersende dominantie van het individuele. De vanzelfsprekendheid van 1’tjes.

  • Vanwaar de logica om 1 teamleider bij een groep van 5 tot soms wel 25 medewerkers te zetten? Waarom geen 2- of 3-koppig leidersteam als standaard? Het gebeurt, maar het is een pak zeldzamer.
  • Wat is dat toch met die dominantie van “one on one” als het op gesprekken aankomt in organisaties? Ten eerste klinkt het als een standje uit de Kamasutra, ten tweede is het bijzonder tijdrovend. Niet alles moet in de hele groep besproken te worden, maar er blijven zoveel mogelijkheden liggen. Waarom bijvoorbeeld geen functioneringsgesprekken in groepjes van 3 of 4 medewerkers? Ik opperde het recent ergens en eigenlijk was de enige reden dat er nooit aan gedacht was.
  • Hoezo is persoonlijke instant feedback iets “dat je nooit kan geven met getuigen erbij”? Het gebeurt namelijk sowieso collectief. Maar dan gefragmenteerd en verborgen, aan de koffiebar en in de traphal. Heel wat gesprekken kunnen open en bloot in groep aangegaan worden. Eventueel mits zorgzame externe facilitatie als het nog geen gewoonte is in de cultuur. Spannend, maar bijzonder effectief. Tranformatief ook vaak.
  • Waarom worden 99,99 % van de keynotes gegeven door mensen alleen? Zij hebben het genormaliseerd, die podia van 100 vierkante meter met 1 mens. Ok, niet echt alleen. Er is doorgaans ook een reuzengrote slideshow, die de spreker in een hoek van die gigantische scène duwt. Het is door solosprekers en hun powerpoints, dat je in auditoria buiten theaterzalen, met spots te maken krijgt die alleen het spreekgestoelte belichten. Als er al andere lampen zijn, zijn die kapot of zitten ze op hetzelfde circuit als de zaal. Merci hè 🙂 


We willen bijna allemaal minder strakke hiërarchie, maar in de praktijk zien we dat de rol van koning of keizerin nog vaak sterk aanwezig is op werkvloeren. Of dat gesprekken enkel in lijntjes gebeuren, in plaats van in cirkels. Het kan anders. Naast individuele medewerkers en hun leiders, verdient “de groep” vaak meer aandacht en mandaat dan die nu krijgt. Podiumkunsten zijn daar een sterke inspiratiebron voor. Improvisatietheaterwerk à la Inspinazie staat voor een grote focus op storytelling en… samenspel. Hieronder enkele voorbeelden:

Spannende gesprekken oefenen met rollenspel in groepen
De manier waarop wij aan simulatieleren doen, is niet alleen een rijke vorm van ervaringsleren, maar ook een rijke vorm van samen-leren. Hoe gedrag overkomt is situationeel, dynamisch en subjectief. Hoe meer stemmen hierin mee-spelen en reflecteren, hoe rijker de inzichten, hoe groter de oogst. Werkvomen in rollenspeltraining zijn ook veel gevarieerder met groepen dan in solo-trainingen. Elk van die werkvormen bieden weer andere leerervaringen aan. 

Terugspeeltheater met anekdotes uit het hele publiek.
Wanneer we een thema exploratief benaderen, krijgen we heel veel inspiratie van het beluisteren van véle verhalen. Enkele goed uitgekiende vragen laten de microfoon vlot een half uur rondgaan in het publiek, waarna wij de anekdotes verweven en amplificeren tot een groot theatraal patchwork. Cocreatie tussen improvisanten en toeschouwers ten top. Tijdens die voorstellingen beseffen mensen hoe universeel het persoonlijke is, en hoe persoonlijk het universele. Iemand verwoordde het na afloop van een voorstelling voor hulpverleners zo: “Het lucht op. Onze verhalen kunnen vertellen, ze van elkaar horen en ze zo creatief uitgespeeld zien. Het haalt de zwaarte eraf zonder de ernst te ontkennen.”

Copyright Eerstelijnszone Waasland

Collectieve briefings
In de voorbereiding van een thematische voorstelling op maat, bevragen we meerdere mensen. En dat doen we in groep, niet apart. Een deel van het werk, elkaar beter begrijpen en nieuwe stukken collectieve verhalen schrijven, gebeurt dan al in die briefing, nog voor de voorstelling.
Soms zorgt dat onverwacht voor behoorlijk transformatief werk. We hoorden eens van een werkgroep dat er volgens hen meer was gebeurd in dat uur briefing, dan in de weken waarin een consultant mensen 1 op 1 had geïnterviewd en waarbij er een ongemakkelijke groepssessie was gevolgd in de werkgroep. Mensen waren toen argwanend over alles wat er al onder de waterlijn was weggekropen in die individuele gesprekken, en de coffeecorner gesprekken die naar aanleiding daarvan waren ontstaan.

Gesprekken uit de 1-1 lijnen trekken, en meer naar de cirkel, is een daad van democratie. Sociaal-artistiek werk kan daar enorm toe bijdragen. Om elkaars perspectieven te begrijpen hebben we verbeelding nodig. Om iedereen aan boord te hebben helpt het als het lijf mag meedoen, als er theatraal vertaald kan worden. Theater kan mogelijke en betere toekomsten verbeelden. Als de spelers niet alleen via de inhoud , maar ook via hun samen-spel, dat tot leven kunnen brengen, gaat daar enorm veel kracht van uit.

Mary Overlie, die “The Six Viewpoints” op de kaart zette, een set van bouwstenen voor theater en dans, besteedde in haar werk veel aandacht aan het democratiseren van theater en dans, en aan de ontvoogding van performers en publiek.
Ik vind dat bijzonder inspirerend. Haar oefeningen leggen veel nadruk op observatie, op beïnvloeden en beïnvloed worden, op horizontaal samenwerken in plaats van verticaal, op de dialectiek tussen deel en geheel. Dat zijn allemaal zaken die ook enorm waardevol zijn voor teams en groepen buiten het theater.

The political charge of Viewpoints is driven especially by the performer simultaneously taking on the role of director and ‘giving over to the ensemble’ (Araiza 2014).10 In this way, the constituent process of direct democracy is produced through simultaneous decentralization of power through its proliferation and deference to the collective. Another critical intervention on the part of Viewpoints, and one that puts it in line with the new global activism, is the shift from representation towards presence. While theatrical ‘presence’ was somewhat of a dirty word in the minimal scene of the 1960s, Overlie complements the pared down exteriority of Viewpoints with the heightened dynamic charge of energy – both between performers and between performer and audience. Bron Dog sniff dog, Tony Perucci

Telkens deelnemers, van workshop of van voorstellingen, samener geworden zijn wanneer ze buitengaan ervaar ik zoveel werkvreugde. Zeker als er niet alleen iets gemeenschappelijk beleefd is, maar ook iets samen gecreëerd werd. Iets dat elkeen weer meeneemt naar elders. Ieder op een eigen manier. Same-same, but different. En dat is dan weer bijna de titel van onze voorstelling over diversiteit en inclusie, over samen verschillen.